Menu
0546-579315

Nieuwe CAO uitzendkrachten per 1 juli 2023: dit zijn de belangrijkste wijzigingen!

 

Per 1 juli 2023 verandert een aantal belangrijke zaken in de CAO voor uitzendkrachten. We zetten de belangrijkste wijzigingen voor je op een rij. 

Toeslagen en kostenvergoedingen voor uitzendkrachten

Uitzendkrachten hebben vanaf 1 juli recht op alle toeslagen die gelden voor werknemers bij de inlener, zoals vuilwerktoeslagen of koudetoeslag. Bovendien worden alle kostenvergoedingen, zowel netto als bruto, opgenomen in de inlenersbeloning. 

Hogere salarissen en erkenning voor uitzendkrachten

Uitzendbureaus zijn nu verplicht om rekening te houden met het arbeidsverleden en relevante werkervaring van uitzendkrachten en deze om te zetten naar passende salarisverhogingen, zelfs als de cao van de opdrachtgever dit niet verplicht stelt. Het is niet langer toegestaan om bij een nieuwe opdrachtgever te beginnen met het laagste salaris in de salarisschaal, terwijl de uitzendkracht relevante werkervaring heeft. 

Meer flexibiliteit en zeggenschap 

Uitzendkrachten krijgen met de nieuwe cao meer inspraak in hun beschikbaarheid bij het opstellen van roosters. Ze moeten minimaal beschikbaar zijn voor de afgesproken contracturen, maar extra beschikbaarheid moet redelijk blijven en in overleg met de uitzendkracht worden bepaald. 

Aangepaste regels voor ziekteverzuim 

De regels voor loondoorbetaling bij ziekte van uitzendkrachten veranderen ook. Momenteel gelden er twee wachtdagen bij ziekteverzuim voor uitzendkrachten met een uitzendovereenkomst met uitzendbeding en één wachtdag als er geen uitzendbeding van toepassing is. Vanaf 1 juli geldt er ook één wachtdag voor overeenkomsten volgens de Modernisering Ziektewet en vervalt de compensatie voor wachtdagen. 

Gelijke Ziektewetuitkeringen voor uitzendkrachten

Vanaf 1 juli 2023 heeft de uitzendkracht bij ziekte en zolang de uitzendovereenkomst duurt recht op aanvullend salaris. Voor overeenkomsten met uitzendbeding en zonder uitzendbeding is dit gelijk getrokken. De uitzendkracht heeft recht op:

  • 90% van het naar tijdruimte vastgestelde loon gedurende de eerste 52 weken van de arbeidsongeschiktheid en ten minste voor de uitzendkracht het geldende wettelijke minimumloon.
  • 80% van het naar tijdsruimte vastgestelde loon gedurende de 53ste t/m de 104e

Beëindiging van overeenkomsten bij ziekte 

Contracten met een uitzendbeding eindigen niet meer bij ziekte. Het uitzendbureau moet maximaal 4 weken zelf het verzuim doorbetalen; ook bij contracten zonder uitzendbeding in fase 1-2 (A) komt er een verplichte aanvulling op de ziektewet die maximaal 2 jaar duurt.

Transitievergoeding 

Uitzendkrachten hebben recht op een transitievergoeding wanneer hun contract eindigt. Vanaf 1 april 2023 hebben ze één jaar de tijd om aanspraak te maken op deze vergoeding, in plaats van de vorige termijn van 3 maanden. Als de transitievergoeding niet binnen een maand wordt betaald, is de werkgever verplicht om wettelijke rente over de vergoeding te betalen. 

Wet toekomst pensioenen 

De eerste 8 weken geldt de zogeheten referte-eis. Deze niet meer gangbare wachttijd verdwijnt hoogstwaarschijnlijk als de Wtp op 1 juli 2023 ingaat. Hierdoor komt Iedere uitzendkracht van minimaal 21 jaar direct in de STIPP-basisregeling terecht en na een jaar in de plusregeling.

Verhoging van het minimumloon 

Op 1 juli 2023 is er opnieuw een verhoging van het minimumloon, nu met 3,13%. Per 1 juli 2023 is het minimumloon voor volwassenen (21 jaar of ouder) 1.995 per maand. Dat is € 460,40 per week, €92,08 per dag en 11,51 euro per uur (bij een 40-urige werkweek). 

Leeftijd:  Bij 36 uur:  Bij 38 uur:  Bij 40 uur: 
Uurloon 21 jaar en ouder  € 12,79  € 12,12  € 11,51 

Minimumloon vanaf 1 juli 2023 

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×